Astma en allergien, Geen onderdeel van een categorie, Gezondheid, Obesitas
Laat een reactie achter

Darm en psyche

Natasha Campbell-McBride is een bekende spreekster op de conferenties van de Weston A. Price foundation. Zij schreef een boek ‚the gut and psychology syndrome’, waarin zij de relatie legde tussen de darmflora en autisme. Inmiddels is het een algemeen geaccepteerd feit, dat er een relatie is tussen de staat van de darm, haar functioneren, de integriteit van de darmwand, het darmslijmvlies en de aanwezige miljarden bacteriën enerzijds en onze gezondheid anderzijds, inclusief onze psychische toestand. De as darm-psyche is verder uitgebreid naar andere delen van onze slijmvliezen en steeds weer blijkt, dat de ‘integriteit van de slijmvliezen’ in relatie staat tot de gezonde status van de mens. Gezondheid in deze betekent meer dan de afwezigheid van een ziekte, het betekent ook ‘heelheid’, ‘robuustheid’. Een ‘hele mens’ met een ‘hele slijmflora’ is beter in staat om om te gaan met ziektekiemen of een tijdelijke onbalans in de voeding. Wij kunnen tegen een stootje.

Dankzij nieuwe laboratorium technieken, die het bacterie-DNA detecteren is men in staat om ook die bacteriën te vinden, die je in een Petri-schaaltje niet kunt kweken. Inmiddels is er veel onderzoek gedaan naar deze ‘flora’ en is duidelijk, dat met het vergaan van het mensenleven ook de darmflora verouderd. De jonge darm zit vol met Bifido-bacteriën. Wanneer over deze groep gesproken wordt, dan bedoelt men de bacteriesoorten binnen het geslacht Bifidobacterium, zoals Bifidobacterium longum, B. breve, B. bifidum, B. canatenulatum of B. adolescentis. De laatste soortnaam is al een verwijzing, waar je haar vindt, namelijk in de darm van volwassenen. De baby-darm bevat veel van de 1e drie soorten. Het belang van deze Bifido-groep komt doordat zij in verband gebracht wordt met een gezonde toestand van de mens, met de dichte darm-barrière (geen leaking gut) en ook de stimulatie van het immuunsysteem, de productie van afweerstoffen, bacteriocines (= bacterieremmende stoffen onder andere tegen ziektekiemen) en ook met die van kort-ketenige vetzuren, zoals boterzuur, maar ook geconjugeerd linolzuur (CLAs). Ook produceren Bifido-bacteriën belangrijke probiotica.

Wanneer je normaal geboren wordt, dat wil zeggen uit een gezonde moeder, vaginaal en thuis, dan neem je de bacteriesoep mee van je moeder (Dominguez-Bello et al, 2013). Door borstvoeding neem je niet alleen melk op, maar bacteriën en suikers waarop de Bifido’s kunnen groeien, de zg oligosacchariden (HMO = human milk oligosaccharides). De eerste bacteriën in en op de baby komen dan grotendeels overeen met de bacteriën van de moeder. Dit is mooi, want het beschermt het kind tegen andere bacteriën die in deze omgeving aanwezig zijn. De aangeboren immuniteit kan daarmee prima reageren op de bacteriën in de omgeving. Kinderen die in het ziekenhuis worden geboren, te vroeg, met een keizersnede of kinderen die gelijk antibiotica krijgen, hebben een valse start. Dit wordt nog erger, als zij geen borstvoeding krijgen, maar flesvoeding. Bij deze kinderen zie je veel minder Bifido’s, maar wel hogere aantallen Staphylococcen en Clostridia. Tussen borst- en flesvoedingskinderen zie je geringere verschillen, onder meer in de B. longum ondersoorten. B. longum ssp. longum wordt gevonden in kinderen die flesvoeding krijgen tezamen met B. adolescentis. De laatste vind je eigenlijk vooral bij volwassenen.

De overeenkomst in bacteriele samenstelling tussen 4 moeder‘s vagina en de bacterien gevonden op de huid en in de slijmvliezen van hun 4 vaginaal geboren baby‘s. Afbeelding overgenomen uit Dominguez-Bello et al, 2010 (PNAS, 107, 26, p.11971–11975)

De grootste verandering in de darmflora vindt plaats in de eerste 2 levensjaren. Je moet als het ware op aarde komen, je uiteen zetten met je omgeving, van borstvoeding overstappen op ‘aardse voeding’, vaste voeding en een darmflora ontwikkelen, die hiermee om kan gaan. Een darmflora vergelijkbaar met de volwassene-status is er grotendeels al vanaf het 3e levensjaar. Een belangrijke verandering tijdens het ouder worden, is het verlies aan diversiteit, de darm wordt steeds eenvoudiger qua samenstelling. Verschillende non communicable dieseases (NCDs zijn niet-infectieus overdraagbare ziekten, als obesitas, allergie, astma, diabetes) worden in verband gebracht met de Bifido-samenstelling. Bepaalde soorten kunnen in geringere mate aanwezig zijn, maar ook kunnen soorten er ‘te vroeg zijn’. Vrouwen die tijdens de zwangerschap meer dan gemiddeld in gewicht toenemen, hebben lagere bezetting met Bifido’s. Dit beïnvloedt ook weer de start voor de baby, die ook met lagere Bifido’s begint. Een ander voorbeeld is de verschuiving in oudere mensen. Wanneer de Bifido’s afnemen ten koste van de ongewenste Clostridium difficile, dan vind je meer diarree bij de ouderen.

De gevonden correlaties zijn er niet in elke wetenschappelijke studie, maar desondanks is de interesse in de Bifido’s groot. Tal van probiotica bevatten Bifido’s vanuit de idee om de darmflora te herstellen. In kinderen en baby’s zie je zeer goede resultaten bij onder meer herstel van allergie, nekkramp, diarree, glutenallergie, maar ook infecties. Ook bij oudere mensen hebben Bifido-probiotica dikwijls gewenste effecten. In muisjes heeft men laten zien, dat toediening van Bifido’s angst reduceert, stress reduceert en depressie-achtige symptomen vermindert, een aanwijzing voor de darm-psyche verbinding.

Ook Natasha Campbell-McBride wijst in haar voordrachten en boek op de relatie darm-psyche. Zij gebruikt dieet-veranderingen om de darm weer te ‘helen’ om van daaruit een andere psychische uiting te hebben naar je omgeving. Haar praktijk wordt inmiddels bevestigd door allerlei onderzoek, waarbij verandering in de darmflora het herstelproces begeleidt.

 

Deze tekst is gebaseerd op de review geschreven door Arboleya et al, 2016

Foto: moeder en tante likken het kind schoon (Nieuw-Zeeland)

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *